Wat zijn lichaamsversieringen?

Niet iedereen denkt aan dezelfde dingen bij het woord lichaamversieringen. Voor de een is iets al een lichaamsversiering als het gaat over oorbellen en voor een ander is het pas een lichaamsversiering als je het hebt over nekringen, branding of lipschijven. Andere voorbeelden van lichaamsversieringen zouden kunnen zijn: scarificatie, lotusvoeten, tatoeages, piercings, bodypaint, henna en geisha’s. In sommige culturen hebben de lichaamsversieringen een bepaalde betekenis. Zo maken lotusvoeten een vrouw sexy en branding en scarificatie maken een jongen een echte volwassen man met moed. Maar het kan ook een manier zijn om hun vijanden af te schrikken. Dat was zo bij de Picten, die leefden in Schotland aan het begin van onze jaartelling. Zij schilderden hun lichaam blauw om hun vijanden weg te jagen. De Indianen deden ook zoiets. Lichaamsversieringen kunnen ook een godsdienstige reden hebben. Bijvoorbeeld, de stip die boeddhisten op hun voorhoofd hebben. In de westerse culturen nemen mensen meestal een lichaamsversiering omdat ze het mooi vinden, bijvoorbeeld tatoeages of oorbellen.

Lichaamsversieringen zijn dus meestal bepaalde objecten of rituelen die op het lichaam worden aangebracht.

Lichaamsversieringen bestaan al net zo lang als de mens. De maya’s en Egyptenaren maakten er ook al gebruik van en in Iran zijn beeldjes gevonden van vijfduizend jaar oud, waarin goed te zien is dat ze gaatjes in hun oren hebben. Op het eiland Tahiti maakten ze al heel lang geleden tatoeages. Het woord tatoeage komt van het tahitiaanse woord ‘tatau’. En zelfs in de Bijbel komen al neusbellen voor. Ze komen overal op de wereld voor met allemaal een andere betekenis.